Een smalle, donkere boot ligt verlaten op het strand. Zijn mast snijdt als een fijne verticale lijn door de horizontale vlakken van zand, water en lucht. Daaromheen valt de kust uiteen in talloze kleurvlekjes: geel en oranje gloeien aan de oever, groenachtig blauw trekt over de ondiepe zee, daarboven liggen rood, violet en diepblauw in brede banden. Donkere wolken sluiten de hemel af. Het licht lijkt heet, maar de scène blijft niettemin stil. Georges Lemmen schildert in 1891 het strand van Heist. De Belgische kunstenaar behoort tot het neo-impressionisme - in plaats van kleuren zacht te mengen, plaatst hij kleine vlekjes en streepjes naast elkaar. Pas van enige afstand vormen ze samen water, avondlicht en schaduwen.
Op het matte doek van Raphael komt vooral de boot heel duidelijk naar voren. De zwarte romp is geenszins een gesloten silhouet: in de druk zitten daarin minuscule puntjes in oranje, blauw en bruin, waardoor het laatste licht zelfs in de donkere vorm blijft doorschijnen. Ook de smalle mast blijft tot aan de top strak getekend - aan deze lijn blijft de blik inderdaad het langst hangen. Daarachter wisselen lichte spikkels en blauwe lijnen elkaar af, waaruit de vlakke beweging van de branding ontstaat. Op de voorgrond verdichten de afzonderlijke penseelstreken zich tot een zware schaduw, verder naar achteren lossen ze weer op. De afdruk zit strak op een spieraam, aan de zijkanten loopt het motief gespiegeld door. Zo verliest de voorkant niets van haar compositie en oogt het doek ook zonder extra lijst als een afgerond geheel. Het matte oppervlak voorkomt harde reflecties.
Met 38 x 30 cm blijft het een vrij klein formaat - dat staat het motief goed, het dwingt je om dichterbij te komen. En juist bij de boot komt de nauwkeurigheid van de uitvoering goed tot uiting: zelfs de kleinste kleurpuntjes en de scherpe lijn van de mast blijven herkenbaar.